Financiën
Zonnepanelen saldering 2027 tussenmeter VvE: gevolgen

Bij een tussenmeter-constructie vervalt de zonnepanelen saldering 2027 tussenmeter op 1 januari 2027 in één keer volledig, waardoor een VvE van 12 woningen met gezamenlijke zonnepanelen jaarlijks €540–€720 aan salderingsopbrengst verliest die direct aan de collectieve aansluiting verdampt.
Korte samenvatting
- Naar schatting 15.000–30.000 VvE-complexen in Nederland werken met een tussenmeter-constructie voor collectieve zonnepanelen.
- Na 1 januari 2027 daalt de vergoeding voor teruggeleverde stroom van €0,21–€0,28/kWh naar €0,05–€0,09/kWh — een verlies van circa €0,15–€0,20 per kWh.
- Alleen de contracthouder op de hoofd-EAN (de VvE) ontvangt de terugleververgoeding; individuele bewoners hebben geen zelfstandige salderingsrechten.
- Drie oplossingsroutes bestaan: volledige opsplitsing per woning (€1.500–€4.000/woning), CNAET-energiegemeenschap of een collectief teruglevercontract via de VvE.
Wat is een tussenmeter-constructie en hoeveel VvE's hebben er last van?
Een tussenmeter-constructie houdt in dat een appartementencomplex of VvE beschikt over één hoofd-EAN-aansluiting op het net, terwijl individuele woningen via submeter of tussenmeter intern worden gemeten. De netbeheerder — Liander, Stedin of Enexis — registreert uitsluitend de hoofdaansluiting; elke bewoner is daarbinnen een interne verbruiker zonder eigen EAN-code.
Exacte landelijke registraties ontbreken, maar installateurs schatten dat naar schatting 15.000–30.000 VvE-complexen in Nederland actief gebruikmaken van deze opzet voor collectieve zonnepanelen. Dat zijn geen kleine aantallen: CBS Statline registreert ruim 140.000 actieve VvE's in Nederland, waarvan een aanzienlijk deel collectieve zonnepanelen heeft zonder individuele aansluitingen per woning. De concentratie is zwaar in de Randstad. Amsterdam — met name vooroorlogse portiekflats in Noord en Nieuw-West —, Rotterdam (Feijenoord, IJsselmonde) en Den Haag (Laak, Escamp) domineren het beeld. In Noord-Holland en Zuid-Holland samen betreft het vermoedelijk meer dan de helft van alle gevallen. Ook in Utrecht en Groningen signaleren installateurs een opkomst bij nieuwbouwcomplexen uit 2018–2023, waarbij de projectontwikkelaar bewust koos voor één hoofdaansluiting om netkosten te drukken.
Voor VvE-bestuurders die willen begrijpen hoe hun situatie zich verhoudt tot die van individuele appartementseigenaren, biedt ons artikel over zonnepanelen saldering 2027 voor appartement-VvE's aanvullende context.
Samengevat: naar schatting 15.000–30.000 Nederlandse VvE-complexen hebben een actieve tussenmeter-constructie, met de hoogste concentratie in de Randstad.
Hoe werkt de zonnepanelen saldering 2027 tussenmeter juridisch?
De salderingsregeling is wettelijk gebonden aan één EAN-aansluiting per belastingplichtige kleinverbruiker. Bij een tussenmeter-constructie heeft uitsluitend de VvE (of de rechtspersoon op de hoofdmeter) een EAN-code. Individuele bewoners salderen juridisch niet zelfstandig — dat doet de aansluiting als geheel. Dit klinkt technisch, maar de gevolgen zijn groot.
Na 1 januari 2027 verdwijnt de saldering volledig in één keer, conform de Wet beëindiging salderingsregeling die de Eerste Kamer op 17 december 2024 aannam. Er zijn geen tussenliggende percentages of geleidelijke afbouwstappen. Wie rekent op een zachte landing, rekent verkeerd. De terugleververgoeding die de VvE na 2027 ontvangt van de energieleverancier bedraagt naar verwachting slechts €0,05–€0,09/kWh, terwijl de huidige salderingswaarde effectief €0,21–€0,28/kWh bedraagt — het tarief dat bewoners anders zelf zouden betalen voor netstroom.
Hoe die lagere terugleververgoeding intern wordt verdeeld over de bewoners, hangt af van het VvE-reglement en eventuele splitsingsafspraken. In de praktijk is daarover vrijwel nooit iets geregeld. Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft leveranciers herhaaldelijk gewaarschuwd dat terugleververgoedingen marktconform moeten zijn, maar een bindend oordeel specifiek over VvE-tussenmeter-constructies bestaat tot op heden niet. Dit juridische vacuüm maakt de situatie ingewikkelder: bewoners kunnen hun VvE aanspreken op oneerlijke opbrengstverdeling, maar het civielrechtelijke pad via de kantonrechter is duur en traag.
Bij een individuele EAN-aansluiting per woning zou elke bewoner zelfstandig zijn leverancier kiezen en zijn eigen terugleververgoeding onderhandelen. Die keuzevrijheid ontbreekt volledig bij de tussenmeter-constructie — en dat maakt deze opzet na 2027 kwetsbaarder dan een individuele aansluiting.
Samengevat: na 2027 ontvangt uitsluitend de VvE de terugleververgoeding op de hoofd-EAN, en interne verdeling is juridisch grotendeels ongeregeld terrein.
Hoeveel geld verliest een VvE-complex met tussenmeter na 2027?
De financiële klap laat zich concreet berekenen. Neem een representatief Amsterdams complex van 12 woningen met gezamenlijk 36 zonnepanelen: dat levert circa 9.000 kWh per jaar op. Als 40% daarvan wordt teruggeleverd aan het net — een realistisch aandeel voor complexen zonder batterijopslag — dan gaat het om 3.600 kWh teruglevering per jaar.
Onder saldering is die teruglevering effectief €0,25/kWh waard (gemiddelde van het gangbare tariefbereik). Na 2027 ontvangt de VvE gemiddeld €0,07/kWh. Het collectieve inkomstenverlies: 3.600 × €0,18 = €648 per jaar. Per woning is dat €54 per jaar — maar dan is de complexe interne verdeling van dat resterende bedrag nog niet geregeld.
Voor grotere complexen van 20 wooneenheden loopt dit op naar ruim €1.050 per jaar collectief verlies, bij vergelijkbare installatiegroottes en terugleverfracties. Dit zijn de cijfers die VvE-bestuurders in hun begrotingen moeten verwerken.
Zie onderstaande tabel voor een overzicht van de financiële impact per VvE-omvang en scenario.
| VvE-omvang | Opwek/jaar | Teruglevering (40%) | Verlies/jaar (€0,18/kWh) | Verlies per woning |
|---|---|---|---|---|
| 8 woningen (24 panelen) | 6.000 kWh | 2.400 kWh | €432 | €54 |
| 12 woningen (36 panelen) | 9.000 kWh | 3.600 kWh | €648 | €54 |
| 20 woningen (60 panelen) | 15.000 kWh | 6.000 kWh | €1.080 | €54 |
Tabel gebaseerd op een gemiddelde opwek van 250 kWh/paneel/jaar, 40% teruglevering, en een salderingswaarde-equivalent van €0,25/kWh versus een verwachte terugleververgoeding van €0,07/kWh na 2027. Bronnen: eigen berekening op basis van Milieu Centraal en actuele marktindicaties 2025–2026.
Samengevat: een gemiddeld VvE-complex verliest na 2027 circa €54 per woning per jaar aan salderingsopbrengst — zonder aanpassingen in installatie of contract.
Welke drie oplossingen heeft een VvE bij een tussenmeter na 2027?
Er zijn drie concrete routes die een VvE kan bewandelen, elk met eigen kosten en complexiteit. De keuze hangt af van de technische staat van het gebouw, het budget en de bereidheid van bewoners om juridisch te herstructureren.
Route 1: Volledige opsplitsing naar individuele EAN-aansluitingen
Elke woning krijgt een eigen aansluiting met eigen meterkast en eigen energiecontract bij de netbeheerder. Dit is de schoonste en meest toekomstbestendige oplossing, maar ook de duurste. De aansluitkosten bij Liander, Stedin of Enexis bedragen naar schatting €1.500–€4.000 per woning, afhankelijk van kabellengte en eventuele verzwaring van de bestaande infrastructuur. In vooroorlogse panden in Amsterdam-Centrum of Rotterdam-Delfshaven kan de netbeheerder de opsplitsing weigeren vanwege ondercapaciteit in de straatverdeler. Liander heeft in meerdere bekende gevallen geweigerd vanwege onvoldoende ruimte voor meerdere individuele 3×25A-aansluitingen op hetzelfde aansluitpunt. Uitkomst: de VvE betaalde €8.000–€15.000 voor kabelvervanging in de openbare weg, soms deels vergoed via een netuitbreidingsbijdrage. Begin vóór medio 2026 met een technische quickscan — netbeheerders hebben nu al wachttijden van 6–18 maanden voor nieuwe aansluitingen.
Route 2: Collectief net op eigen terrein (CNAET of postcoderoos-variant)
De VvE herstructureert zich juridisch tot een energiegemeenschap onder de experimenteerregeling of een vergelijkbaar kader. Bewoners behouden interne verrekening van zonne-energie zonder dat elke woning een eigen EAN-aansluiting nodig heeft. Dit vereist meer juridisch werk, maar omzeilt de technische beperkingen van route 1. De postcoderoos-regeling na 2027 biedt aanverwante mogelijkheden voor collectieven die verder van het dak af georganiseerd zijn.
Route 3: Hybride model met collectief teruglevercontract
De hoofdaansluiting blijft bestaan, maar de VvE onderhandelt een collectief teruglevercontract met een energieleverancier en verdeelt de opbrengst via de servicekosten. Minste werk, maar geen herstel van individuele salderingsrechten. Eneco en Vattenfall bieden dergelijke contracten voor VvE’s aan, met terugleververgoedingen van €0,05–€0,09/kWh in 2024–2025. Greenchoice en Budget Energie zijn terughoudender met VvE-maatwerk. Vraag vóór eind 2026 bij meerdere leveranciers schriftelijk een offerte op en leg vast wat er bij beëindiging van saldering contractueel gebeurt. Wie dat nalaat, staat op 1 januari 2027 met lege handen aan de onderhandelingstafel.
Meer achtergrond over de mogelijkheden om stroom collectief te verrekenen of te verkopen leest u in ons artikel over stroom verkopen aan buren via zonnepanelen.
Samengevat: drie routes bestaan — individuele opsplitsing (€1.500–€4.000/woning), CNAET-energiegemeenschap of collectief teruglevercontract — elk met eigen kosten en juridische complexiteit.
Loont een collectieve thuisbatterij voor een VvE met tussenmeter?
Een collectieve thuisbatterij lijkt aantrekkelijk: één installatie, gedeelde kosten, minder teruglevering aan het net. De praktijk is genuanceerder. Voor een VvE van 12 eenheden met een collectieve batterij van 40 kWh à €20.000 bedragen de kosten per woning €1.667. De jaarlijkse besparing door eigenverbruiksoptimalisatie bedraagt naar schatting €800–€1.400 collectief (€67–€117 per woning per jaar), afhankelijk van het verbruikspatroon. Dat levert een terugverdientijd van 14–25 jaar — aan de lange kant voor een batterij met een verwachte levensduur van 10–15 jaar.
Individuele batterijen van 7 kWh à €5.500 per woning leveren typisch €200–€350 besparing per jaar, met een terugverdientijd van 16–28 jaar. Het collectieve model heeft schaalvoordeel in installatie (één montagedag versus twaalf afzonderlijke klussen), maar de businesscase blijft mager tenzij dynamische tarieven actief worden benut. Een Utrechtse VvE van 6 appartementen koos voor een gezamenlijke batterij van 30 kWh om teruglevering te minimaliseren én technische netbeperkingen te omzeilen — een creatieve workaround die in meer vergelijkbare situaties toepasbaar is.
Let op: voor particulieren bestaat geen ISDE-subsidie op thuisbatterijen. Alleen het verlaagde btw-tarief van 0% bij gecombineerde installatie met zonnepanelen speelt mee. Lees meer over de financiële onderbouwing in ons overzicht van zonnepanelen uitbreiden of thuisbatterij kiezen na 2027.
Samengevat: een collectieve batterij van 40 kWh is alleen aantrekkelijk voor VvE’s met sterk gespreide verbruikstijden én actief energiemanagement; de terugverdientijd loopt anders op tot 20+ jaar.
Wanneer is bijplaatsen van zonnepanelen na 2027 nog zinvol bij een tussenmeter?
Extra panelen bijplaatsen is riskant als het eigenverbruikspercentage op de collectieve aansluiting onder de 50% blijft én er geen batterijopslag of actief energiemanagement aanwezig is. Een tussenmeter-complex in Rotterdam met 60% teruglevering en geen batterij heeft na 2027 een terugverdientijd van 20+ jaar op extra panelen — onaantrekkelijk voor elke investeerder.
Bijplaatsen wordt wél rendabel als het eigenverbruikspercentage boven de 65% uitkomt én de overproductie per jaar onder de 800–1.000 kWh per aansluiting blijft. Dan weegt het voordeel van vermeden netstroominkoop (€0,28–€0,35/kWh) ruimschoots op tegen de lage terugleververgoeding. De vuistregel: meet eerst twaalf maanden nauwkeurig het werkelijke eigenverbruik via de submeter voordat u ook maar één extra paneel bestelt. Hulp bij die berekening biedt ons artikel over het eigenverbruikspercentage berekenen na 2027.
Samengevat: bijplaatsen van panelen is alleen rendabel bij een eigenverbruikspercentage boven 65% en een jaarlijkse overproductie onder 1.000 kWh per aansluiting.
Welke drie fouten maken VvE-bestuurders het vaakst over de zonnepanelen saldering 2027 tussenmeter?
Drie misverstanden komen keer op keer terug bij VvE-bestuurders die hun salderingsrechten interpreteren — en één ervan is aantoonbaar het duurst.
Fout één is de aanname dat individuele bewoners zelfstandig salderen op een gedeelde EAN-aansluiting. Dat is juridisch onjuist. Alleen de aansluiting saldereert, niet de persoon. Bewoners die denken dat hun eigen energieverbruik wordt “gesaldeerd” door de collectieve panelen, overschatten hun rechtspositie.
Fout twee is de verwachting dat saldering stapsgewijs wordt afgebouwd tot 2031. De Rijksoverheid heeft dit wetsvoorstel gewijzigd: de Wet beëindiging salderingsregeling stopt de regeling volledig op 1 januari 2027 in één keer. Er zijn geen tussenliggende percentages. VvE-bestuurders die uitstelgedrag vertonen op basis van een geleidelijke afbouw, komen op 1 januari 2027 voor een koude douche te staan.
Fout drie — en verreweg de duurste — is geloven dat een gunstig huidig energiecontract automatisch doorloopt na 2027. Energieleveranciers herzien VvE-contracten zodra saldering wegvalt. Voor een gemiddeld complex kan dit een plotse kostenstijging van €1.000–€2.500 per jaar betekenen zonder enige voorbereiding. Meer informatie over het tijdig overstappen van energiecontracten leest u in ons artikel over energiecontract overstappen na saldering 2027.
Samengevat: de duurste fout is rekenen op een geleidelijke salderingsafbouw — die bestaat niet; de wijziging is abrupt en volledig op 1 januari 2027.
Wat zijn de btw-gevolgen voor een VvE met tussenmeter na 2027?
De btw-vrijstelling voor zonnepanelen op woningen (0% btw, ingevoerd per 1 januari 2023) geldt voor particulieren — niet automatisch voor een VvE als rechtspersoon. Een VvE kan btw terugvorderen via de kleineondernemersregeling (KOR) of door zich te registreren als btw-ondernemer, maar dat heeft verstrekkende gevolgen: de VvE wordt dan btw-plichtig over alle diensten die zij verleent, inclusief servicekosten en bijdragen aan het VvE-fonds.
De Belastingdienst heeft tot op heden geen heldere richtlijn gepubliceerd specifiek voor tussenmeter-VvE’s met collectieve zonnepanelen. Het risico bij een verkeerd ingediende btw-aanvraag: naheffing, boetes én gedwongen btw-afdracht over servicekosten met terugwerkende kracht. Dit is geen klus voor de VvE-beheerder zelf. Schakel een fiscalist in met aantoonbare ervaring in VvE-structuren voordat u btw terugvordert. Netbeheer Nederland en Milieu Centraal adviseren VvE’s de statuten nu al aan te passen — dat is vooralsnog de enige praktische bescherming in dit ongeregelde juridische terrein.
Samengevat: btw terugvorderen als VvE-rechtspersoon is juridisch complex en riskant zonder fiscaal advies — de Belastingdienst heeft hierover nog geen specifieke richtlijn voor tussenmeter-VvE’s gepubliceerd.
Conclusie
Onze analyse: een tussenmeter-VvE staat na 1 januari 2027 voor een cumulatie van problemen die individuele woningeigenaren niet kennen: de salderingsopbrengst verdwijnt op één punt (de hoofd-EAN), de interne opbrengstverdeling is juridisch ongeregeld, leveranciers bieden geen garanties voor VvE-specifieke contracten, en de btw-positie van de VvE als rechtspersoon is onduidelijk. Combineer dat met wachttijden van 6–18 maanden bij netbeheerders voor nieuwe aansluitingen, en de conclusie is eenduidig: VvE-bestuurders moeten uiterlijk in het vierde kwartaal van 2026 een concrete keuze hebben gemaakt uit de drie beschikbare routes. Wachten tot 2027 kost tussen €1.000 en €2.500 per jaar aan vermijdbare verliezen voor het complex.
De meest pragmatische eerste stap is een technische quickscan bij de netbeheerder én een juridische toets van het splitsingsreglement, gevolgd door schriftelijke offertes bij minimaal drie energieleveranciers voor een collectief teruglevercontract. Tegelijkertijd is het raadzaam een fiscalist te raadplegen over de btw-positie van de VvE als collectieve producent.
- Lees ook: collectieve saldering via VvE na 2027: wat verandert er
- Lees ook: zonnepanelen saldering 2027 flatgebouw — gevolgen voor VvE
- Lees ook: einde salderingsregeling 2027: dit verandert er volledig
Veelgestelde vragen over zonnepanelen saldering 2027 tussenmeter
Wie ontvangt de terugleververgoeding na 2027 als mijn VvE een tussenmeter-constructie heeft?
Uitsluitend de contracthouder op de hoofd-EAN — dus de VvE als rechtspersoon — ontvangt de terugleververgoeding van de energieleverancier. Hoe dat bedrag intern wordt verdeeld over de bewoners, is afhankelijk van het VvE-reglement; in de meeste gevallen is dit niet geregeld en moet de VvE dit alsnog vastleggen vóór 2027.
Wordt de saldering voor tussenmeter-VvE’s geleidelijk afgebouwd of stopt die in één keer?
De saldering stopt volledig in één keer op 1 januari 2027, conform de Wet beëindiging salderingsregeling die de Eerste Kamer op 17 december 2024 aannam. Er zijn geen tussenliggende percentages of uitzondering voor VvE-constructies met een tussenmeter.
Wat kost het om een VvE-aansluiting met tussenmeter om te zetten naar individuele EAN-aansluitingen per woning?
De aansluitkosten bedragen naar schatting €1.500–€4.000 per woning bij Liander, Stedin of Enexis, afhankelijk van kabellengte en eventuele verzwaring. In oudere panden kan de netbeheerder de opsplitsing weigeren vanwege ondercapaciteit; kabelvervanging in de openbare weg kost dan €8.000–€15.000 extra, soms deels vergoed via een netuitbreidingsbijdrage.
Hoeveel verliest een VvE-complex met 12 woningen per jaar aan salderingsopbrengst na 2027?
Een VvE van 12 woningen met 36 zonnepanelen en circa 40% teruglevering verliest naar schatting €540–€720 per jaar doordat de terugleververgoeding daalt van €0,21–€0,28/kWh naar €0,05–€0,09/kWh. Per woning komt dat neer op circa €54 per jaar aan directe inkomstenderving.
Mag een VvE als rechtspersoon btw terugvorderen op collectieve zonnepanelen?
Dat is juridisch complex: de VvE kan btw terugvorderen via de kleineondernemersregeling of door btw-registratie, maar wordt dan ook btw-plichtig over alle diensten die zij verleent — inclusief servicekosten. De Belastingdienst heeft nog geen specifieke richtlijn gepubliceerd voor tussenmeter-VvE’s; schakel daarom een fiscalist in vóórdat u een btw-aanvraag indient.
Vanaf welk eigenverbruikspercentage is bijplaatsen van extra zonnepanelen rendabel voor een tussenmeter-VvE na 2027?
Bijplaatsen wordt rendabel als het eigenverbruikspercentage boven de 65% uitkomt én de jaarlijkse overproductie per aansluiting onder de 800–1.000 kWh blijft. Onder die grens loopt de terugverdientijd op tot 20+ jaar, wat de investering financieel onaantrekkelijk maakt zonder aanvullende batterijopslag of dynamische energietarieven.
Roy M. Bos
GeverifieerdOnafhankelijke redactie